In Nomine Domini Filio Patris

Prachtige zin, beladen vol symboliek, een tintje mystiek en de macht dat je spreekt namens God. Geen wonder dat het priesterschap ooit een zeer begeerde roeping was. Met slechts één minpuntje; het celibaat. Goed, als puber kun je je nog prima redden met een flinke dosis inbeeldingsvermogen en een linker c.q. rechterhand die voor vriend(in) speelt en komt de volledige impact van wat het celibaat is nog niet op je af. Enkel als je eenmaal afgestudeerd priester bent, volleerd zieltjesherder, gediplomeerd doper, dan pas begint de ware opoffering van deze zieke eis zich aan je op te dringen. Er zullen altijd mensen zijn die aseksueel zijn, die totaal geen erotische prikkel voelen en ook totaal geen probleem zullen hebben om hun leven lang als een eunuch door het leven te gaan. Maar voor de meeste mensen is de voortplantingsprikkel, de drift der zinnen een essentieel onderdeel van hun bestaan. Een te lang negeren van bovengenoemde prikkel lijdt tot zwaar gefrustreerde en overspannen toestanden. De bovenstaande twee alinea’s dienen niet ter vergoelijking van de beerput die de laatste weken binnen de Roomse wereld is opengetrokken. Hooguit ter verklaring. Een verklaring die geheel en al uit mijn ideeën bestaat en daardoor niet op wetenschappelijk onderzoek gestoeld is. Maar toch. Het geloof heeft al zoveel crisissen de laatste jaren moeten bezweren. Waar de Islam nog op een voetstuk staat waar menig katholiek jaloers watertandend naar loert, heeft het aanzien van de rooms-katholieke kerk de laatste decennia deuk na deuk na deuk opgelopen. De kerk graaft haar eigen graf door bitter te stilzwijgen en een ‘dark-room-politiek’ er op na te houden. Hier en daar een paar aalmoezen geven om zo te trachten de slachtoffers het zwijgen op te leggen. Een wereldvreemde arrogantie die mij bijna net zo zeer tegen de borst stuit als de acties die ze proberen monetair om te kopen. Kinderen zijn misbruikt geworden, ongeacht hun leeftijd of de ernst van het misbruik. Het is gebeurd. Er was ruimte voor. Er was gelegenheid voor en wat nog veel erger is, er werd over gezwegen. 50ers en 60ers van nu, waren ooit doodsbange kleine kinderen, gedumpt in een school waar tucht, orde, discipline en kracht van geest werden nagestreefd. Emoties werden ofwel afgestraft met harde hand of ontmoedigd door excessief troostgedrag waarbij de kinderen meer dan een schouder kregen om op te leunen. Kinderen die toevertrouwd werden aan de zorg van de kerk kregen een gruwelijk conflicterende opleiding. Enerzijds werd hen geleerd dat seksualiteit een zonde is, dat homoseksualiteit een dubbele zonde is en dat alles wat genot brengt van de duivel komt. En toch zaten diezelfde broeders gezapig aan het bier of de wijn te lurken, genoten ze van hun sigaartje en aten ze vaak als vorsten in hun eigen ivoren torentjes waar de leerlingen geen inkijk in hadden. Ook zaten diezelfde broeders soms met hun handen en andere dubieuze ledematen aan de kinderen die hen toevertrouwd worden. Verscheurender kun je een opleiding niet brengen. Dingen verbieden en ze zelf inconsequent toepassen. Mijn advies kan verschillende kanten opgaan. Ofwel schaf dit mensonterende celibaat af wat van gezonde mensen seksueel zwaar gefrustreerde *potentiële* monsters maakt. Ofwel castreer iedereen die serieus geïnteresseerd is in het ambt van priester zodat hij op zijn minst zijn gehalveerde kruis met waardigheid kan dragen. Zo spreekt Ruud.

This entry was posted in Column and tagged , . Bookmark the permalink.

Reageren